Interview

13 december 2016

Ana Moura stapt uit haar comfortzone

Geschreven door: Rik van Boeckel

Label: Coast Company

Fadozangeres Ana Moura begint haar nieuwe album Moura met een lied over Moorse vrouwen in het Portugal van de 14e eeuw. Op het O Sol da Caparica festival nabij Lissabon klonk voordat ze het podium betrad die Moorse melodie uit een sampler waarna de Portugese gitaar prachtig inzette, Ana onder luid gejuich begon te zingen en vervolgens danste over het podium tijdens Fado Dançado. Fado om op te dansen, het lijkt nieuw maar het is al eerder gedaan.

“In de 19e eeuw werd op fado gedanst,” vertelt de zangeres me op het festival. “Maar daarna werd fado alleen geassocieerd met verdriet. Fado is droevig, maar ook heel ironisch. Fado gaat vooral over onze gevoelens”. Moura werd net als Desfado (2013) opgenomen in Hollywood en geproduceerd door Larry Klein. “Mensen zullen het nieuwe album vergelijken met Desfado, maar het is heel anders. Moura is vrolijker. Net als Desfado is het een riskant album. Omdat er instrumenten gespeeld worden die niet in fado gebruikt worden zoals de elektrische gitaar en de Hammond. De Portugese gitaar wordt versterkt via de elektrische gitaarversterker. Dat maakt de sound heel anders. Er zijn fado liefhebbers die dit niet waarderen. Toch was Desfado zeer succesvol omdat mensen zich ermee verbonden voelden.”

Ana Moura

Fado en pop

Op het nieuwe album werkt Ana net als op Desfado niet alleen met Portugese musici maar ook met Amerikaanse pop- en rockmusici zoals gitarist Dean Parks en drummer Vinnie Colaiuta (Zappa). “Het was geweldig met Vinnie te werken, hij nam nooit eerder op met een fado-zangeres. De muziek was voor de opnames uitgeschreven. Alle instrumenten, ook de Portugese, zijn tegelijkertijd ingespeeld. Met alleen een paar overdubs. Dat is heel belangrijk geweest voor de sound van dit album.”
Er bestaat een nauwe lijn tussen Ana’s fado en pop/rock. Ze heeft een verleden als rockzangeres en trad op met Mick Jagger en Prince. ” Mick Jagger en Prince hebben me zeker beïnvloed bij het mengen van mijn muziek met andere genres. Ik heb jams met Prince gedaan. Dat is de reden dat mijn laatste albums zo klinken. Als ik pop zing, is het niet anders voor mij dan fado zingen. Ik heb een fado ziel, breng dat gevoel ook mee in een pop- of rocksong.” Ook producer Larry Klein heeft een sterke inbreng hierin, hij liet Ana op Desfado een song van Joni Mitchell coveren, op Moura zingt ze James Shelton’s Lilac Wine. ” Ik hou van dat lied, vooral van de versies van Nina Simone en Jeff Buckley. Voor mij is het een Amerikaanse versie van een traditionele fado. Ik wil niet altijd hetzelfde doen, stap graag uit mijn comfortzone.”

Afrikaanse achtergrond

Net als fadoster Mariza heeft Ana Moura een deels Afrikaanse achtergrond. “Mijn moeder komt uit Angola. Zij zong altijd thuis: semba, een traditionele Angolese stijl, fado, Braziliaanse muziek. Mijn vader speelde gitaar en drums. Er werd altijd gejamd bij ons thuis in het dorpje Coruche. Zo ben ik begonnen met fado zingen. Later ontdekte ik soul, rock, blues, pop, begon dat te zingen met een fado gevoel.” En ze hoorde natuurlijk de muziek van Amália Rodrigues. “Zij is mijn grootste invloed. Als zangeres, maar ook door wat ze deed met fado. Zo nam ze een album in het Italiaans op, zong jazz standards.” Ana Moura doet het weer op haar eigen manier. Zo zingt ze op Moura een duet met de Cubaanse diva Omara Portuondo: Eu Entrego, een lied over onbeantwoorde liefde. “Toen de Buena Vista Social Club tijdens hun Adios tour in Portugal optraden, nodigden ze me uit met hen te zingen. Zo ontmoette ik Omara. We voelden ons met elkaar verbonden. Toen ik dit lied opnam, dacht ik meteen aan haar. Door het Cubaanse gevoel, het is een soort bolero. Ze kon niet naar Hollywood komen omdat ze met Buena Vista in New York optrad. Ze nam haar zangpartij op in New York en stuurde die op.”

Andere Portugese muziek

Voor Moura werkte Ana ook samen met de Kaapverdische zangeres/gitariste Sara Tavares, een goede vriendin van haar. “Ze schreef Não Quero Nem Saber voor mij, een lied over het leven gezien vanuit een vrouwelijk perspectief.” Zo incorporeert Ana net als Mariza de andere Portugese muziek in haar fado, niet uit Portugal zelf maar uit de voormalige Afrikaanse koloniën en Brazilië. “Dat zie je ook op dit festival in Costa da Caparica dat artiesten uit Angola, Cabo Verde en Brazilië programmeert.” Ana Moura bracht daar haar eigen fado. Ze gaf een geweldig optreden, het publiek at uit haar hand en zong met haar mee tijdens Dia de Folga, een hit in Portugal. Maar nieuwe fado is het niet, vindt ze zelf. “Er is geen nieuwe fado, dit is een natuurlijke ontwikkeling. De fadista’s en fado dichters van nu vertolken het gevoel van deze tijd. Ze beschrijven onze ervaringen, onze cultuur op een zeer Portugese manier. Zo schreef Pedro da Silva Martins van de groep Deolinda de fado Ai Eu (Wee mij). Het zelfmedelijden dat daarin uitgedrukt wordt is heel Portugees.”