×

Recensie

15 september 2020

Rock Against Racism

White Riot

Geschreven door: Edwin Hofman

Uitgebracht door: Smoking Bear

White Riot

All the power is in the hands of people rich enough to buy it. While we walk in the streets. Too chicken to even try it. And everyone does what they are told to do. White riot, I wanna riot. White riot – a riot of my own.

White Riot voert terug naar de latere jaren zeventig, toen Engeland zijn positie als leidende industriële grootmacht al lang kwijt was en de economie van het land net een recessie voor de kiezen had gehad. Het werkloosheidscijfer ging richting de anderhalf miljoen en stakingen legden de industrie en publieke diensten regelmatig lam. Het National Front (NF) was aan een opmars bezig en aanhangers ervan marcheerden in groten getale door de straten, zoals bijvoorbeeld in de minderhedenwijk Lewisham. Anti-immigratie en gedwongen repatriëring waren sleutelbegrippen in het programma van het NF.

Tegen deze achtergrond laat Rubika Shah, die eerder documentaires maakte over onder meer David Bowie en Spike Lee, zien hoe een groep bevriende muzikanten en kunstenaars zich organiseerden om het alomtegenwoordige racisme en het aanjagen van angst voor de ander te bestrijden. Drijvende krachten achter dit initiatief waren onder meer Red Saunders, Roger Huddle en Jo Wreford, toen twintigers en dertigers. Zij, en andere direct-betrokkenen, blikken vanuit hun huidige kantoor of werkplaats/atelier terug op de turbulente jaren 1976, 1977 en 1978. Wat waren voor hen de aanleidingen om toen tot actie over te gaan?

Saunders werd tijdens een NME punk-nacht zo door de energie van The Clash getroffen dat hij niet langer stil kon blijven zitten. Het was de hoogste tijd: de controversiële uitspraken van voormalig minister Enoch Powell over immigratie en de toekomst van Engeland werden in het Engeland van midden jaren zeventig nog steeds door velen bekrachtigd en de uitingen van NF-leider Martin Webster waren ronduit abject.

Een aantal grote rocksterren voorzagen Red Saunders en de zijnen bovendien van een extra reden er vol voor te gaan. In 1976 leek David Bowie, in die tijd nog zwaar aan de coke, zijn interesse in het occulte en Friedrich Nietzsche door te trekken naar flirts met fascisme. Vanuit LA liet Rod Stewart weten dat Engeland vol was. Eric Clapton steunde Enoch Powell openlijk en vreesde dat Engeland een zwarte kolonie zou worden. Saunders, Huddle en Bruno schreven een brief naar het grootste muziekblad van Engeland, de NME,  waarin ze Clapton aanspraken (‘geef het maar toe Eric, de helft van je muziek is zwart’) en direct de beweging Rock Against Racism (RAR) lanceerden. Als snel kreeg RAR enorme ladingen post en sympathiebetuigingen zodat de beweging in vrijwel alle delen van het land een vertegenwoordiging kreeg. Toen na de NME ook de Melody Maker zijn steun openlijk uitsprak voor RAR steeg het aantal sympathisanten met ‘5000%’.

Het blad/vlugschrift Temporary Hoardings werd een belangrijk medium van RAR en White Riot toont vele krachtige beelden uit dit punk-achtige blad. Cut and paste, in your face. De vele posters die in de steden werden opgeplakt waren niet minder belangrijk. In de jaren vér voor internet en mobiele telefonie waren ook dit essentiële informatiedragers. Belangrijke doelen van het RAR-activisme waren: nodeloze angst voor elkaar wegnemen en twijfel zaaien bij (potentiële) NF-stemmers om die zo weg te trekken van het neonazistische pad. Gaandeweg verbreedde RAR het aandachtsgebied naar andere sociale misstanden. Temporary Hoarding bood daarvoor een open podium.

Muzikaal gezien stapte RAR op de punk & reggaetrein (‘crisis music’, ‘now music’) en probeerde men met concerten altijd gemengde line-ups neer te zetten. Het achterliggende verbindende statement was: ‘We are black, we are white, we are dynamite’. Een aantal essentiële muzikanten in dit verhaal geven bijna 45 jaar later hun kijk op deze periode, waaronder Topper Headon (The Clash), Pauline Black (The Selecter), Dennis Bovell (o.a. Matumbi) en Tom Robinson.

De film zit de grootstedelijke tijdsgeest van toen dicht op de huid en komt door de vele archiefbeelden regelmatig hard binnen. Natuurlijk was er al veel bekend over de spanningen in de Engelse steden in de jaren zeventig en tachtig, maar in de context van White Riot is de boodschap nóg veelzeggender. Voor minderheden was het vaak gevaarlijk op straat. Er vonden ‘hunts’ plaats en in 1977 alleen al waren er in de buurt van Brick Lane 7 racistische moorden te betreuren.

Bovendien kon ook de politie een tegenstander zijn; via de aloude sus laws (suspected person) werd er regelmatig etnisch geprofileerd en een nacht op het politiebureau werd alom gevreesd. De explosieve sfeer bij sommige concerten komt eveneens stevig binnen op de archiefbeelden. Naast het NF was er ook nog de extreem-rechtse British Movement om rekening mee te houden bij optredens en andere bijeenkomsten.

De waarde van White Riot zit hem vooral in de mix van inspirerende, opzwepende, dan wel ontregelende en verontrustende archiefbeelden en de persoonlijke verhalen en duidingen van de mensen achter Rock Against Racism en de muzikanten om hen heen. Zo krijgt een op zich goed gedocumenteerde periode in de Engelse geschiedenis er toch weer een persoonlijk en indringend verhaal bij. Het geeft het RAR-concert in Victoria Park, aan het einde van de film, flink wat extra lading.

Een groot culminatiepunt in de strijd tegen racisme van Rock Against Racism en partner Anti-Nazi League was namelijk een protestmars, gevolgd door een festival in Victoria Park, op 30 april 1978. Het festival was bewust gepland in dit deel van Londen, waar het NF op 23% van de stemmen kon rekenen. Het weer was slecht en de bezoekersprognose was bewust laag gehouden om gemeentelijke bemoeienis te omzeilen. 500 mensen, veel drukker zou het niet worden. De line-up van het festival strookte hier natuurlijk in het geheel niet mee; de blikvangers waren Steel Pulse, The Clash, X-Ray Spex en Tom Robinson Band, die af mochten sluiten. En die dag bleek ineens wat de reikwijdte van de anti-racismebeweging was: uit het hele land kwamen busladingen mensen. White Riot geeft hier een ooggetuigenverslag en zit bovenop het vuur. De beelden van Tom Robinson die Up Against The Wall speelt en vooral de shots van The Clash en Jimmy Pursey (Sham 69), White Riot eruit rammend voor een bomvol veld, zijn nog steeds opwindend.

Topper Headon legt het nog een keer uit: ‘Rechts kaapte White Riot omdat er ‘wit’ in de titel stond. Ze luisterden niet naar de tekst. White Riot uitte de hoop dat de witten zich net als de zwarten zouden verzetten. Ook wij waren ontevreden.’

De verkiezingen van 1979 liepen voor het National Front uit op een deceptie maar zoals de film aangeeft: ‘The fight is far from over’. Iets wat het jaar 2020 nog eens keihard duidelijk maakte.