Recensie

20 september 2019

The Murder Capital

When I Have Fears

Geschreven door: Leon Pouwels

Uitgebracht door: Human Season

When I Have Fears The Murder Capital Alternative 4.5 The Murder Capital – When I Have Fears Written in Music https://writteninmusic.com

Zo hoort een ronkende goede postpunkplaat te klinken. Na een treurig intro direct keihard toeslaan. Niet voorzichtig en dromerig vragen om een plek in de eindejaarslijstjes. Deze gewoon vol overtuiging opeisen. Met de bevlogen energie van hardcore punk in de zang, omgeven door het al niet misselijke gitaargeweld van Damien Tuit en Cathal Roper wordt For Everything als een ontembaar beest op je los gelaten. De softere nieuwe lichting die deze stroming verwoordt, wordt eventjes op hun plek gezet. Boosheid en verbittering zijn de kernbegrippen, niks van vleermuizenromantiek of ander liefdevol gezwijmel is hier aanwezig. De pijn moet voelbaar zijn, en oh wat doet het pijn. We hebben het hier over het uit Dublin afkomstige The Murder Capital die met When I Have Fears het indrukwekkendste postpunkdebuut van 2019 over je heen laat denderen.

James McGovern bevecht zijn demonen met de oerschreeuw die zich in de klagend gezongen vocalen verschuilt. Zijn therapeutische mentaliteit dwingt je om mee te gaan in alle persoonlijke ellende en dreigende wanhoopsdaden. De spierballenrock heeft de arbeideroverlevingsdrang in zich. Een spreekbuis voor de stadse jongeren die zich bewust zijn van een onzeker bestaan. De paniek dat Dublin het meeste te voorduren krijgt van de Brexit. Met dit doemscenario in de angstige ogen verbleken de kansen op een stabiele toekomst. Jagende gitaarnoise brengt More Is Less al tot de rand van de afgrond. Een enkel duwtje is genoeg.

De holheid van de jaren tachtig staat centraal in het dolgedraaide bas spel van Gabriel Paschal Blake wat nog flink sturing krijgt van de krachtpatserij van de drumslagen van Diarmuid Brennan in het sterke Green & Blue. Dat daarbij zelfs de gitaar nog even vrij spel krijgt levert nu al een monumentale track op. Het vriespunt wordt eventjes naar nieuwe maatstaven van tien graden lager terug gezet. De kilheid van een No Future beeldvorming komt weer een ijzige voetstap dichterbij.

Een stuk menselijkheid is hoorbaar in de rust die de zanger oproept in Slowdance. Hier zijn het de schrikbarende gitaareffecten die voor het wrevelige stekende verloop zorgen. Als vijandige ziektekiemen dringen ze het gehoor binnen om zich als deprimerende gastheren te nestelen in de sterfelijke hersencellen. Het tweede stuk is nog slopender dan het zware eerste gedeelte. Gelukkig wil de cello er een waardig einde aan maken.

Een prachtige overgang naar het overgevoelige kwetsbare soulvolle On Twisted Ground. De omslag wordt ingezet in dromerige geluidsbelevingen, waar doorheen een sprankje hoop op een bedje van hemelse klanken de overtocht naar een positief vervolg waagt. De vragende voordracht van een desperate James McGovern wil dat gevoel direct wurgen in de neerslachtigheid van Feeling Fades. We zitten weer opnieuw gevangen in de uitzichtloze vicieuze cirkel, het leven genaamd.

Alsof The Murder Capital een allergie heeft ontwikkeld voor alles waaruit hoop zich als een snelgroeiend zaadje kan ontwikkelen dient Don’t Cling to Life zich aan. Toch laat de diep gezonken zware stem van McGovern de sfeervolle pianoklanken toe in How the Streets Adore Me Now. Het verval kruist zich met de bepalende jeugdtrauma’s die buiten het blijvende littekenweefsel ook de nodige geborgenheid voortbrengt. Dat staat ook centraal in het wrange Love, Love, Love. Alles behalve een liefdesliedje.

When I Have Fears weet van het begin tot het einde te overtuigen. Een beklemmende trip door de op de voorgrond staande zelfkant van de menselijke geest. The Murder Capital is het overtuigende antwoord op toekomstige vraagstellingen. En die periode is volgens de heren niet rooskleurig.



  1. For Everything
  2. More Is Less
  3. Green & Blue
  4. Slowdance I
  5. Slowdance II
  6. On Twisted Ground
  7. Feeling Fades
  8. Don't Cling To Life
  9. How The Streets Adore Me Now
  10. Love, Love, Love