×

Recensie

02 januari 2020

Chantal Acda

PŪWAWAU

Geschreven door: Leon Pouwels

Uitgebracht door: Glitterhouse

PŪWAWAU Chantal Acda Alternative 4.5 Chantal Acda – PŪWAWAU Written in Music https://writteninmusic.com

Nadat de wegen van het voormalige The Walkabouts koppel Chris Eckman en Carla Torgerson zich gemoedwillig na de geslaagde comeback plaat Travels in the Dustland definitief scheiden, kiest Eckman ervoor om zich op verschillende andere projecten te richten. Hij sluit zich aan bij het echtpaar Eric Thielemans en Chantal Acda, gedrieën brengen ze onder de naam Distance, Light & Sky twee sfeervolle platen uit.

Chris Eckman is de grote afwezige op PŪWAWAU, de vierde soloplaat van Chantal Acda. Deze Nederlandse zangeres uit Helmond heeft alweer jaren België als thuisbasis, en liet voor het eerst opvallend van zich horen als bassist bij het melancholische Isbells van Gaëtan Vandewoude. Naast de jazzdrummer Thielemans schuift er nog een elftal aan prominente muzikanten aan die juist het sobere kleine karakter van de lang gerekte songs tot iets groots weten uit te rekken.

Was er op de prachtige voorganger Bounce Back nog ruimte voor sfeervolle popsongs, is er nu niet meer echt sprake van compacte popliedjes. Chantal Acda is door gegroeid tot iets wat alles overstijgt, een adembenemende overkoepelende prachtplaat aflevert, waarbij ze aan de slag gaat met een drietal producers. Martijn Groeneveld, die zijn sporen verdiend heeft in de Nederlandse alternatieve popscene, Joris Caluwaerts van het baanbrekende door avant-garde jazz gevormde veelbelovende STUFF, en het ambitieuze sleutelfiguur Stef Kamil Carlens. Die altijd een overschot aan vernieuwingsdrang bezit om er genoeg sublieme lagen aan toe te voegen.

De kunst is om niet in elkaars gezichtsveld te zitten. Maar juist om er in deze overvolle grabbelton aan met ideeën gevulde persoonlijkheden er de juiste waardes uit te vissen en die bij elkaar te puzzelen. Dat er zelfs nog voor veel geprogrammeerde geluidskunstjes is gekozen is wonderbaarlijk te noemen. Met zoveel mogelijkheden aan professionele ervaring in de studio zou je verwachten dat daar genoeg inspiratie uit te halen is. Toch wil het allemaal harmonieus en geniaal in elkaar over lopen. Hierdoor put ze diep genoeg in andermans kwaliteiten, en weet ze te voorkomen dat ze het etiket minimalistische muziek krijgt opgeplakt.

Chantal Acda laat zich nergens onderbrengen. Dat ze zich hiermee vaak in hetzelfde vaarwater als Björk het organische opzoekt is niet zo vreemd. Valgeir Sigurdsson staat haar bij in de arrangementen, en hij heeft bij deze IJslandse artiest al zoveel moois mogen toevoegen. Een verbond welke ontstaan is tijdens het componeren van Selmasongs de score bij de film Dancer in the Dark. Dezelfde eigenzinnigheid bezit deze Helmondse zangeres, een prikkeling die voor deze duizendpoot de nodige stimulans weet op te wekken.

PŪWAWAU staat voor universele taalkoppeling. Terug naar het zwaartepunt waarbij klanken de oorsprong vormen tot de hedendaagse spraakontwikkeling. De kern ligt in de natuur waarbij geluiden uit de omgeving de basis vormen. Tuhinga weet klassiek geschoolde operazang te hechten aan de folkse zachtheid in de vocalen van Acda. Vergezeld door een in alle stilte opbouwende triphop beat laat de zangeres al direct haar meest pure hemelse kant horen. Zelfverzekerdheid en breekbaarheid omhelzen elkander in een gestrengelde krachtig liefdeskoppel. Nu al weet ze al haar vorige werk te overstijgen, en dit is nog maar de opening van de plaat.

Maakt ze het zichzelf hiermee lastig, of weet ze het niveau te continueren? Marama is een stuk aardser, toch weet ze je op vragende toon mee te trekken in haar overdracht, welke overheerst wordt door een schizofrene kakofonie aan zangstemmen om onverwachts grootst te eindigen met de tegendraadse drumpartijen van manlief Eric Thielemans en een overdonderend opera epiloog. Dat een stemvocoder niet tot vervlakking hoeft te leiden bewijst ze in het avant-gardistische Taranga. De gastvocalen zorgen voor het natuurlijke tegenwicht waar op subtiele wijze sfeermakers als het cellospel van Katelijne Van Kerckhoven en de marimba van Jeroen Stevens het mogen afmaken.

Bij het uitgebalanceerde kunstwerkje Waiata Tamariki is het de eenvoud in de verstillende emotioneel geladen voordracht van Acda die het zich totaal toe-eigent. Dat ze hiermee laat horen dat ze tot de grootste vocalisten van deze tijd behoord mag duidelijk zijn. Juist tussen al de drukte komt deze warmte het beste tot zijn recht. Met Puoro weet ze fragmentarische oosterse inheemse samplers te koppelen aan elektronica in het lichtere industriële genre. Een klein minpuntje is dat ze dit niet geheel vloeiend bij elkaar komt, waarbij het in de overgangen net wat minder wil overtuigen. Dit is het enige smetvlekje op de verder uiterst geraffineerde plaat.

Ook Tumanako bezit alle waardigheid om zich in perfectie bij de overige vijf tracks te voegen. Op dromerige wijze wordt alle rust terug gebracht tot de simpliciteit van compactheid. De zoektocht is volbracht, en ze beloont de luisteraar in dit adembenemend eindspel waar alles samen lijkt te vallen. PŪWAWAU is een volbrachte studie naar de mogelijkheden van de stem in samenhang met wereldse invloeden, waarmee ze behoorlijk dicht bij de problematiek blijft van het niet accepteren van andere culturen en gewoontes, en nog eventjes een verbindende brug aanlegt die de bouwsteen tot verbroedering vormt.



  1. Tuhinga
  2. Marama
  3. Taranga
  4. Waiata Tamariki
  5. Puoro
  6. Tumanako